Telemetrie

Telemetrie is het automatisch meten en draadloos verzenden van gegevens van bronnen op afstand. In het algemeen werkt telemetrie op de volgende manier: Sensoren bij de bron meten ofwel elektrische gegevens (zoals spanning of stroom) ofwel fysische gegevens (zoals temperatuur of druk). Deze metingen worden omgezet in specifieke elektrische spanningen. Een multiplexer combineert de spanningen, samen met timinggegevens, tot één gegevensstroom voor verzending naar een ontvanger op afstand. Bij ontvangst wordt de gegevensstroom gescheiden in zijn oorspronkelijke componenten en worden de gegevens weergegeven en verwerkt volgens de specificaties van de gebruiker.

In 1912 werd voor de eerste telemetrietoepassing in Chicago gebruik gemaakt van telefoonlijnen om operationele gegevens van een elektriciteitscentrale naar een centraal kantoor over te brengen. Omdat telemetrie oorspronkelijk voor dit soort projecten werd gebruikt, werden de eerste telemetriesystemen supervisory-systemen genoemd. In 1960 werd het interrogation-reply-principe ontwikkeld, dat een selectievere overdracht van gegevens op verzoek mogelijk maakte. In die tijd bestond een telemetriezender uit een set meetinstrumenten, een encoder die de instrumentaflezingen vertaalde in analoge of digitale signalen, een modulator, en een draadloze zender met een antenne. De ontvanger bestond uit een antenne, een set radiofrequentie (RF) versterkers, een demodulator en opnameapparatuur. Mainframecomputers werden gebruikt om de ontvangen informatie te verwerken en op te slaan.

Tegenwoordige telemetrietoepassingen omvatten het meten en verzenden van gegevens van sensoren in auto's, slimme meters, energiebronnen, robots en zelfs in het wild levende dieren in wat gewoonlijk het internet der dingen (IoT) wordt genoemd.