Fudge factor

Een fudge factor is een element dat in een berekening, formule of model wordt ingevoegd om rekening te houden met fouten of onzekerheid. Fudgefactoren worden ook gebruikt om iets congruent te maken met een waargenomen of gewenst resultaat. Het woord fudge betekent in deze context opzettelijk onduidelijk of onnauwkeurig zijn. 

Fudgefactoren worden vaak gebruikt om variabelen in een berekening op te nemen wanneer een precieze grootheid onbekend is of wanneer een variabele aan onvoorspelbare verandering onderhevig is. In projectmanagement, worden fudgefactoren vaak gebruikt in tijd schattingen. In het berekenen van de duur van een bepaalde fase van het project, bijvoorbeeld, kan een projectmanager een fudgefactor van 50 procent toevoegen aan de schatting van hoe lang die fase zou moeten duren. De toevoeging is bedoeld om het mogelijk te maken de deadline te halen, zelfs als onvoorziene gebeurtenissen vertragingen veroorzaken, wat vaak het geval is. Omdat mensen de neiging hebben alle beschikbare tijd te gebruiken voor een deadline, duurt een projectfase die misschien in twee weken had kunnen worden afgerond vaak uiteindelijk drie.Om die situatie te vermijden, is het verstandig om conservatief te zijn in het gebruik van fudgefactoren.

Fudgefactoren worden in de wetenschappen vaak gebruikt om een berekening of formule te laten werken, als men ervan uitgaat dat de andere betrokken elementen correct zijn. Als een empirisch waargenomen fenomeen niet door een theorie kan worden verklaard, kan een fudgefactor worden geïntroduceerd om de theorie te laten werken. Ondanks de eis dat wetenschappelijk onderzoek objectief moet zijn, kan cognitieve bias een risico vormen voor de geldigheid van een studie door het introduceren van fudge factoren.

Een van de beroemdste fudgefactoren aller tijden is Einsteins kosmologische constante. De wetenschapper voegde de constante toe aan zijn algemene relativiteitstheorie om hem in overeenstemming te brengen met zijn overtuiging dat het heelal noch krimpt noch uitdijt, maar statisch is. De vervalsingsfactor zorgde voor een afstotende kracht die verklaarde waarom het heelal niet in elkaar stortte. Toen echter werd ontdekt dat het heelal in feite uitdijt, moest Einstein de kosmologische constante uit zijn theorie schrappen.